De organisatie komt uit een turbulente fase. En die komt er ook weer aan. Wat te doen in het oog van de storm? Herstellen? Bezinning? Nieuwe plannen? Teambuilden? Allemaal! De directievoorzitster wil zich in deze periode van relatieve rust druk maken om te leren. Immers, het team heeft geleverd, maar ook fouten gemaakt. En de samenwerking kan stukken beter. Spreekwoordelijk ligt het bootje nu even in de haven, maar iedereen weet, het lange buffelen heeft veel tol geëist. De boot moet straks weer de haven uit. De beseft dat ze de volgende storm samen anders aan moeten vliegen, willen het bedrijf en de mensen het overleven. De markt kent geen mededogen. Het verandervermogen moet drastisch omhoog.

Ze kiezen voor de T.O.P.-benadering. Een ontwikkeltraject met drie onlosmakelijk verbonden elementen: het Team, het Plan en de Ontwikkeling van beiden. Dat betekent veel quality time met key-players, in de vorm van een serie twee/-driedaagsen, op de heide. En huiswerk tussendoor. Op de agenda wisselen persoonlijke en teamontwikkeling enerzijds en wat willen we wanneer bereiken anderzijds elkaar af. Eerst terugkijkend, het debriefen van de afgelopen jaren. Wat ging goed, wat moet beter en hoe doen we dat? Wat stond betere samenwerking in de weg? Hebben we qua producten en usp’s de juiste keuzes gemaakt? Waarom komen we niet mee met de concurrentie? Met tenslotte ook aandacht voor systemische vragen als de bewustwording van onze patronen in historisch perspectief.

Dan vooruitkijkend. Het klassieke rijtje van missie, visie, strategie, technologie en competenties. Maar daarvan dan alleen de essentie, zoals, in welke (technologische) innovaties moeten we vooruit willen lopen? Wetende dat onze omgeving morgen weer iets anders vraagt, kunnen we de tijd beter besteden aan hoe we dit plan en de teamafspraken door-ontwikkelen? De veranderstrategie is belangrijker dan de strategie.

Ze bouwen aan een governance die wendbaarder is met transparante ‘B.O.B.E L.-processen’; Beeld-, Oordeels- en Besluitvorming, Executie-monitoring en Leren. Hoe spreken we af, hoe spreken we ons uit en hoe spreken we elkaar aan, zijn belangrijke vragen. Ze bepalen de rolverdeling die het beste past bij hun competenties. Er ontstaat vertrouwen; ‘ik reken op jou en jij mag op mij rekenen’.

De werkvormen ‘op de Heide’ verschillen. Met bijvoorbeeld een wandel-expeditie, attentie voor levensverhalen en samen een kunstwerk maken om elkaar te vinden en verbinden. Er ontstaan relaties op een (emotioneel) dieper niveau. Belangrijk voor straks, in het echie. Werkvormen aan de meer inhoudelijke kant zijn meer rationeel van aard: over de stip aan de horizon en wat we aan boord mee moeten nemen om adaptief te zijn in koers en tempo. Maar gaan ook over het combineren van inhoud en intuïtie.

De boot vaart inmiddels weer op volle zee. De eerste kleine stormen doorstaan. Met name het leren (de L van B.O.B.E.L) werpt z’n vruchten af. Dit team spreekt af, uit en aan. Eerlijke lessen over wat morgen beter kan. De voorzitster zegt “laat de echte stormen maar komen, wij zijn er klaar voor”.

Wat te doen in het oog van de storm? T.O.P.!!

 

 

 

 

Met een beetje pech kijken we als een stel konijnen in de koplamp van de naderende derde wereldoorlog. Naast de serieuze brandhaarden en steeds meer ronkende taal van wereldleiders schudt het NAVO-bondgenootschap op z’n grondvesten. Donald Trump ontvouwt zijn oorlogsretoriek bijna achteloos. Het zijn dagkoersen.

In een eerdere column vergeleek ik de Amerikaanse president met een Bully op het schoolplein. Inmiddels zijn er ook andere kampen zichtbaar geworden. De ‘clans’ van Poetin, Netanyahu en Xi beheersen ook een deel van dat schoolplein. En ze beheersen zich slechts tot het moment dat ze de kans schoon zien hún nieuwe wereldorde te vestigen. Een explosief mengsel.

Toch zet Europa slechts schoorvoetend stappen richting eenheid. Zoals zo vaak gaan goede intenties gepaard met principes en praktische bezwaren (vrij naar Lucebert). Stroperig, het is nog lang wachten op onze som der delen. Wij, Nederland, zijn bij-figuren op dat schoolplein. We hebben weinig macht, wel invloed. Mits we niet te druk met onszelf zijn.

Als we geen konijn in de koplamp willen zijn moeten we in actie komen. Wij kunnen Europese eenheid niet afdwingen en zijn niet bij machte een derde wereldoorlog te voorkomen. Wel kunnen we de schaarste en pijnen van een wereldconflict voor onszelf enigszins opvangen. Door keihard te werken aan groei en concurrentievoordeel. Net zoals na de tweede wereldoorlog, achteraf. Maar dan nu vooraf, vóór potentieel nader onheil.

Dé twee succesfactoren van groei en (weder-)opbouw zijn een sterke rechtstaat en verbonden innovatiekracht. Daarvoor hebben we respectievelijk lieden en leiders nodig. Staatslieden die staatsrechtelijk zuivere governance handhaven. En business-leiders die als een choreograaf de transities  voor economische, sociale en ecologische groei te lijf gaan. Zoals toentertijd de combinatie van premier Willem Drees en KLM topman Albert Plesman. Samen zorgden zij, geholpen door anderen, met een gezond narratief, voor stabiliteit en toekomst.

Ook later in de tijd is focus van het bedrijfsleven de motor geweest achter groei. Oud Shell topman Frans Wagner werkte in de tachtiger jaren aan een industrieel topklimaat. En recent kwam ASML topman Peter Wennink met integrale plannen die een systeemcrisis kunnen voorkomen en zorgen voor duurzame groei.

Executie van goede plannen kan alleen in en met een samenleving die verbonden is. En daarvoor moeten we ook gebonden zijn. Gebonden aan de zuivere principes van onze democratische rechtsstaat. Thorbeckes trias politicas en de scheiding van kerk en staat geldt daarin principieel voor eenieder. Dat lijkt in onze multiculturele samenleving geen overdreven luxe. Laten we elkaar tolereren in geloof en opvattingen maar onze keuzes democratisch maken. We hebben staatslieden nodig om onze gefragmenteerde parlementaire democratie duurzaam te verbinden.

Om de diverse uitdagingen van vandaag het hoofd te bieden is ons land te verdeeld. Laat staan de EU. Natuurlijk moeten we onze invloed blijven aanwenden om een derde wereldoorlog te voorkomen. Tegelijkertijd zoeken we de combinatie van staatslieden en business-leiders, a la Thorbecke, Drees, respectievelijk Plesman, Wagner en Wennink, en geven hen mandaat. Juist nú al, voorkomen is beter dan genezen.

 

Deze column is geïnspireerd op een interview Mr Willem Stevens, ’s lands oudste advocaat, opgetekend in Het Financieele Dagblad van zaterdag 4 april jl.